Bedragen * € 1.000 | |||
|---|---|---|---|
Kengetallen | Rekening | Begroting | Rekening |
2023 | 2024 | 2024 | |
Netto schuldquote | 64% | 67% | 64% |
Netto schuldquote voor verstrekte leningen | 64% | 66% | 64% |
Solvabiliteit | 15% | 11% | 15% |
Structurele exploitatieruimte | 4% | 0% | 0,1% |
Grondexploitatie | 3% | 3% | 3% |
Belastingcapaciteit (t.o.v. landelijk gemiddelde) | 134% | 130% | 145% |
Kengetallen geven vooral in onderlinge samenhang waardevolle informatie. Het is belangrijk om te kijken naar ontwikkelingen en trends over een langere periode, evenals naar het onderliggende risicoprofiel. Op basis van de cijfers uit het Jaarverslag 2024 kunnen we concluderen dat de gemeente Landsmeer in 2024 voldoet aan de gestelde normen van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), met uitzondering van de solvabiliteitsratio. De kengetallen netto schuldquote, solvabiliteit, structurele exploitatieruimte en grondexploitatie zijn ten opzichte van 2023 gelijk gebleven. de belastingcapaciteit is ten opzichte van 2023 gestegen.
Netto schuldquote
De netto schuldquote wordt berekend door de netto schuld conform Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) te delen door het begrotingstotaal. Om inzicht te verkrijgen in hoeverre er sprake is van doorlenen wordt de netto schuldquote weergegeven zonder en met correctie voor verstrekte leningen. In de VNG-uitgave Houdbare gemeentefinanciën wordt een schuld lager dan 100% van het begrotingstotaal als voldoende bestempeld en een schuld hoger dan 130% van het begrotingstotaal als onvoldoende. De netto schuldquote van de gemeente Landsmeer voor 2024 is met 64% volgens de VNG-norm voldoende.
Solvabiliteitsratio
De solvabiliteitsratio wordt berekend door het eigen vermogen te delen door het balanstotaal. De solvabiliteitsratio is een maatstaf voor kredietwaardigheid. De VNG-uitgave Houdbare gemeentefinanciën bestempelt een solvabiliteitsratio hoger dan 30% als voldoende en lager dan 20% als onvoldoende. Met een ratio van 15% scoort de gemeente Landsmeer een onvoldoende op basis van de VNG-norm.
Structurele exploitatieruimte
Een percentage waarmee beoordeeld kan worden welke structurele ruimte een gemeente heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. De structurele exploitatieruimte wordt berekend door het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves te delen door de totale baten. Een negatief percentage betekent dat de structurele baten niet toereikend zijn om de structurele lasten te dekken.
Grondexploitatie
Dit percentage geeft informatie over de boekwaarde van Niet in exploitatie genomen gronden (NIEGG) en Bouwgronden in exploitatie (BIE) in verhouding tot de totale gemeentelijke baten. Er is geen VNG-norm voor de hoogte van deze ratio. In de regel geldt: hoe lager de ratio des te minder investeringen in grondexploitaties er hoeven te worden terugverdiend en daarmee hoe lager het financiële risico voor de gemeente.
Belastingcapaciteit (t.o.v. landelijk gemiddelde)
De belastingcapaciteit wordt bepaald aan de hand van de hoogte van de gemiddelde lasten per meerpersoonshuishouden voor OZB, rioolheffing en afvalstoffenheffing ten opzichte van het landelijk gemiddelde. Deze indicator geeft inzicht in de hoogte van de woonlasten. Ze kan zo vergeleken worden met eerdere jaren en andere gemeenten. De gemiddelde lasten per meerpersoonshuishouden (met eigen woning) in Landsmeer zijn met € 100 gestegen van € 1.340 in 2023 naar € 1.440 in 2024 (Bron : COELO). De gemiddelde lasten per meerpersoonshuishouden (met een eigen woning) in Nederland zijn in 2024 ten opzichte van 2023 gestegen met € 50 van € 944 naar € 994 (Bron : COELO). Dit betekent dat we in 2024 circa 45% boven het landelijk gemiddelde zaten qua lastendruk, terwijl we op grond van deze cijfers in 2023 circa 42% boven het landelijk gemiddelde zaten.
(N.B. : Dit kengetal (belastingcapaciteit) is dus niet te verwarren met de onbenutte belastingcapaciteit OZB , deze laatste geeft aan hoeveel een gemeente zijn inkomsten nog kan verhogen.)
